Kroonleugenaar TPW van Eijsden Schaamlap Hoge Raad in Rechtszaak tegen C Karsten.


Hoge Raad negeert Snelle TPW van Eijsden-aanval met Straatklinker op - Lege Handen - Cor Karsten (pv 761-466/87).

Hoge Raad gebruikt verzonnen verklaring TPW van Eijsden als cruciaal Bewijs tegen C Karsten.

Hoge Raad Wetverkrachter door Verklaring Leugenaar T v Eijsden als Cruciaal Bewijs te bezigen tegen Cor Karsten.


Geen enkele verklaring van TPW van Eijsden over Cor Karsten inhoudelijk bevestigd door een getuige of hard feit.

Een mentaal gelijksoortige straatklinker-doodgooier als TPW van Eijsden slaagt voor examen moordaanslag: (3:11m).




Hoge Raad Bezigt Inhoudelijk Onbewezen Verklaring van Leugenaar TPW v Eijsden Onwettig als Cruciaal Bewijs Veroordeling C Karsten.
-- 1 - De verklaring van T P W van Eijsden (hierna: T v Eijsden) die als hoofdbewijs wordt gebezigd voor de veroordeling van Cor Karsten (C Karsten) ontbeert de inhoudelijke bevestiging van een getuige of een keihard feit. Er is niets in het dossier te vinden dat de afgelegde verklaring van Van T v Eijsden wat het cruciale deel van de inhoud van de als hoofdbewijs gebezigde verklaring onomstotelijk ondersteunt. Het is trouwens toch al onmogelijk dat de gebezigde verklaring zou kunnen worden ondersteund door onomstotelijk bewijs. Want (ook) deze als hoofdbewijs gebezigde verklaring van TPW van Eijsden is inhoudelijk ernstig lasterlijk en leugenachtig, net zoals de andere afgelegde verklaringen van TPW van Eijsden.

-- 1.1 - De zogenaamde getuige à charge in het dossier, Rietveld, heeft het op de zitting in het hoger beroep laten afweten. Ze verklaarde dat ze ziek was geweest en dat ze zich niets meer kon herinneren. Het Hof heeft van Rietveld een wazig, nietszeggend, onbevestigend verklarinkje, dat Rietveld kort na het beweerde incident had afgelegd aan de politie, gebezigd voor het zogenaamde bewijs in het arrest.

-- 1.2 - Het zou boekdelen moeten spreken dat die zogenaamde getuige Rietveld steeds dagvaardingen negeerde en steeds verzuimde naar de zittingen van het hoger beroep te komen. Rietveld was ook al niet ter zitting geweest van de politierechter. Na een paar voortijdig geschorste zittingen van het Hof, waar de zogenaamde getuige Rietveld steeds had verzuimd te veschijnen, is op verzoek van C Karsten uiteindelijk, op de laatste voortijdig geschorste zitting, waar de zogenaamde getuige Rietveld dus ook weer niet was veschenen, een 'bevel tot medebrenging' uitgevaardigd door het Hof. Maar, toen vervolgens de volgende zitting in hoger beroep daadwerkelijk moest plaatsvinden, bleek op het laatste moment voorafgaand aan de zitting, dat de zogenaamde getuige Rietveld, en nota bene ook de zogenaamde 'getuige' T v Eijsden, weer niet aanwezig was (waren) in het gerechtsgebouw waar de zitting zou worden gehouden.

-- 1.3 - Wie denkt dat het allemaal wel meevalt met de betrouwbaarheid van de zogenaamde getuigen Rietveld en T v Eijsden en denkt dat er natuurlijk ook geen sprake was van een complot, waarin Rietveld en T v Eijsden, tegen C Karsten, moet niet vergeten dat ook het officiële zogenaamde slachtoffer, TPW van Eijsden, die in de onderhavige zaak behalve zogenaamd 'slachtoffer' ook de zogenaamde 'kroongetuige' was, ook wederom niet voor de zitting in hoger beroep bleek te zijn verschenen in het gerechtsgebouw. Ook voor hem was, na het steeds negeren van herhaaldelijke dagvaardingen voor zittingen van het Hof, op verzoek van C Karsten een 'bevel tot medebrenging' uitgevaardigd voor de volgende zitting, waarop ook Rietveld, desnoods onder politiedwang, moest verschijnen.

-- 1.4 - Dus op het laatste moment voorafgaand aan de zitting waar Rietveld en T v Eijsden beslist moesten verschijnen, bleek behalve Rietveld ook TPW van Eijsden wederom niet voor de zitting in het gerechtsgebouw aanwezig. Toen T v Eijsden en Rietveld niet in gebouw aanwezig bleken en de zitting in hoger beroep zeer kort daarop zou beginnen, werd er op het laatste moment opdracht gegeven om T v Eijsden, uit Almere (!), en Rietveld op te brengen onder politiedwang.

-- 1.5 - Wie hoort dat Rietveld en T v Eijsden niet aanwezig bleken te zijn vlak voordat de zitting hoger beroep zou beginnen en denkt dat het allemaal niet zo erg is dat T v Eijsden en Rietveld op het allerlaatste moment vlak voor de zitting nog moesten worden opgehaald vergeet, dat de daarbij opgesoepeerde (vele) tijd die dat ophalen en afleveren kostte. T v Eijsden, bijvoorbeeld, moest van Almere uit naar Amsterdam worden opgehaald en afgeleverd. Het was allemaal kostbare vergooide tijd, die van de 'zitting hoger beroep' afging. Want dat ophalen en medebrengen vond voor een groot deel plaats in de tijd die voor de hoger beroep-zitting stond gepland ! Die zitting is dan ook, als gevolg van dat veel tijd vergende opbrengen van die waarheid geweld aandoende getuigen qua tijdsduur veel korter geworden. De zitting is dan ook in de korte tijd die er nog resteerde voor het houden van de zitting in 'no time' afgeraffeld. De tijdnood had grote uitwerking op de president van het Hof, want die wilde toch snel klaar zijn met de zitting.

-- 1.6 - Want die president vertoonde kortaf en gehaast gedrag tijdens de zitting. Een behoorlijk verhoor van T v Eijsden door C Karsten kon dan ook niet plaatsvinden. "We gaan niet het hele verhoor overdoen," zei de president nog. C Karsten heeft tevergeefs gehoopt T v Eijsden aan een goede ondervraging te kunnen blootstellen. Bij de enkele vragen die C Karsten via de president aan T v Eijsden mocht (!) stellen (mocht niet rechtstreeks aan T v Eijsden), vond de president het kennelijk nodig om, heel brutaal, T v Eijsden telkens de antwoorden in de mond te leggen. Op zo een manier verhoren heeft geen enkele zin. Van het verhoor is maar een heel kleine fractie in het arrest terug te vinden en dan zijn die paar antwoorden van Van Eijsden ook nog eens zwaar verdraaid. Er staan dingen in die Van Eijsden helemaal niet heeft gezegd als antwoord op enkele vragen. De vragen zelf staan ook niet in het arrest. Het arrest is trouwens flinterdun en een behoorlijke motivering door het Hof over het bewijs ontbreekt er in.
Er is nauwelijks iets terecht gekomen van het vragen stellen aan T v Eijsden, doordat C Karsten niet echt een redelijke kans daarvoor heeft gekregen, door Karsten zijn fysiologische gesteldheid vanwege slapeloze nachten en trauma en spanningen en het ter zitting ondervinden van tegenwerking en ondermijning door de president van het Hof.
De motivering door de rechters in het arrest bestaat hooguit uit theoretisch kort gezwam over zinloze dingen. Onzinnig getheoretiseer over een inhoudelijk onbewezen cruciale afgelegde verklaring (van T v Eijsden) die niet hard is en niet is bevestigd en die 'steunt' op gammel, vrijblijvend bewijs.

-- 1.7 - C Karsten hield de gedwongen, speciaal voor zitting-bijstand toegewezen advocaat buiten bemoeienis met het proces ter zitting, omdat C Karsten geen vertrouwen meer had in advocaten na de rechtsgang in eerste aanleg (politierechter). Bij de politierechter had namelijk, met een andere advocaat, een enorme blunder plaatsgevonden. C Karsten las namelijk in het vonnis van de politierechter dat als secundair verweer een beroep op noodweer zou zijn gedaan (het primaire verweer was dat er onvoldoende bewijs was (is) voor een veroordeling en daarnaast onder meer het feit dat de afgelegde verklaringen van T v Eijsden elkaar ernstig tegenspreken en ook tegensprekend zijn ten aanzien van het verklarinkje dat de zogenaamde getuige Rietveld aan de politie had afgelegd - Rietveld was niet ter zitting politierechter). Maar C Karsten heeft absoluut nooit een beroep op noodweer gedaan. Immers, toen T v Eijsden op het punt stond om met de straatklinker de moordaanslag te plegen, was C Karsten weerloos, machteloos en ongewapend. Mede om te voorkomen dat een advocaat ondanks C Karsten in hoger beroep een beroep op noodweer zou doen, heeft C Karsten de voor de zitting van het hoger beroep toegewezen advocaat niet toegestaan zich ter zitting met de zaak te bemoeien.
C Karsten heeft in zijn eentje de lasterlijke aantijgingen en leugens van T v Eijsden ter zitting ondergaan. Aan de voorzitter van het Hof was goed te merken dat die zwaar bevooroordeeld was (hij had onvoldoende dossierkennis) en dat hij zich gehaast voelde door tijdnood.
Afijn, vanwege de vele tijd die het alsnog opbrengen van de zogenaamde getuigen de zitting kostte, was de zitting hoger beroep zeer kort. In 'no time' was de zitting hoger beroep dan ook klaar.


-- 2 - Op zich zou het feit dat de verklaring die door TPW van Eijsden in hoger beroep is afgelegd en die in het arrest tegen Cor Karsten wordt gebezigd als hoofdbewijs, niet wordt bevestigd door een getuige of hard feit al reden genoeg moeten zijn om dat hoofdbewijs niet te gebruiken.
Maar dat is het niet alleen. Wat het nog dringender maakt die in hoger beroep afgelegde zogenaamd cruciale verklaring van TPW van Eijsden NIET te bezigen als bewijs, als zogenaamd hoofdbewijs, is het feit dat TPW van Eijsden zich met al zijn afgelegde verklaringen in de procedure telkens ernstig heeft tegengesproken. TPW van Eijsden heeft zich in de procedure gedragen als een enorme zichzelftegenspreker. Er zijn talloze voorbeelden daarvan te geven. Op de site www.corkarsten.nl kan er in dergelijke voorbeelden van zichzelf-tegenspraak haast worden 'gezwommen'.


-- 3 - Hierboven (zie par. (2) wordt gesteld dat TPW van Eijsden, de 'kroongetuige', een enorme zelftegenspreker, in de procedure alleen maar elkaar zeer ernstig tegensprekende verklaringen heeft afgelegd.
-- Het is dan ook geen wonder dat de als hoofdbewijs gebezigde verklaring in het arrest door nota bene de persoon die als de zogenaamde 'kroongetuige' en als zogenaamd slachtoffer in de zaak figureert, ernstig wordt weersproken, in een officiële verklaring.

-- 3.1 - In de als 'hoofdbewijs' gebezigde afgelegde verklaring, die in het arrest van het Hof tegen C Karsten wordt gebezigd, is onder meer het hier volgende gesteld (citaat (3a):
"Toen ik in de Tielstraat langs de ingangen van de boxen kwam die bij de flats horen waar ook Karsten woonde, zag ik plotseling Karsten uit een box naar buiten komen. Ik sprak Karsten aan; er ontstond toen een woordenwisseling. Op een gegeven moment zag ik dat Karsten een [wapen] in zijn handen had. Daarop heb ik een steen [straatklinker] gepakt."

-- 3.2 - In een andere officiële verklaring is de versie die TPW van Eijsden geeft volstrekt afwijkend over wat er zou zijn gebeurd wat de essentie en wat de beslissende kern betreft en aldus, als consequentie, is die andere verklaring dus onverenigbaar met de kerninhoud van de afgelegde verklaring van TPW van Eijsden die in het arrest als hoofdbewijs wordt gebezigd tegen C Karsten (citaat (3b):
"Ook nu liep hij [Karsten] niet langs de kortste weg naar zijn huis toen ik hem tegenkwam. Het is mij bekend dat hij bij de PTT werkt en dat hij rond die tijd, half 11 's avonds, naar huis komt. Toen ik Karsten was tegengekomen liep ik verder binnendoor terug naar de Tielstraat. Ik zag Karsten daar toen niet meer lopen. In de Tielstraat kwam ik langs de ingang, van de boxen, behorende bij de flats, waar ook Karsten woont. Toen ik daar langs liep zag ik Karsten plotseling uit de box naar buiten komen. Er ontstond toen een woordenwisseling tussen Karsten en mij. Ik sprak als eerste Karsten aan. Die woordenwisseling heeft een minuut of tien geduurd. Hij had eerst aldoor zijn beide handen in zijn zakken. Maar opeens kwam hij met naar ik dacht zijn rechterhand naar voren en toen voelde ik iets tegen mijn borst. Daardoor viel ik op de grond. Eerst dacht ik nog: "Verrek, wat nou"? Ik raakte daardoor in paniek. Door mijn angst kreeg ik een soort hyperventilatie. Daar zijn allerlei tuintjes. Ik viel zo dat ik een steen [straatklinker] kon pakken. Ik stond op, ik was blind van woede ik heb toen Karsten met die steen in zijn gezicht geslagen. Daarna ben ik weg gevlucht."


-- 4 - Uit de bovenstaande twee vergeleken verklaringen zou onvermijdelijk moeten volgen dat TPW van Eijsden een enorme zichzelftegenspreker is, die met groot gemak zogenaamd eensluidende verklaringen aflegt over een beweerd incident die in werkelijkheid feitelijk haaks op elkaar staan en die elkaar inhoudelijk wat de kern-situatie betreft uitsluiten.
De bovengenoemde casus met de twee verklaringen demonstreert dat het arrest tegen C Karsten feitelijk is gebaseerd op een hoofdbewijs dat nota bene door de kroongetuige zelf als volstrekt ongefundeerd wordt gekarakteriseerd. Dat het hoofdbewijs vals is, is in veel opzichten sterk bewijs dat Cor Karsten geen eerlijk proces heeft gekregen en is tevens het symbool ervan dat alle verklaringen die de zogenaamde kroongetuige in de procedure heeft afgelegd vals c.q. lasterlijk zijn. Lasterlijk, omdat de zogenaamde kroongetuige dondersgoed weet dat hij opzettelijk lasterlijke verklaringen over Cor Karsten heeft afgelegd in de procedure. Als het gerechtshof en de Hoge Raad serieus naar de afgelegde verklaringen van TPW van Eijsden hadden gekeken, hadden ze kunnen weten dat de zogenaamde kroongetuige de boel zwaar in de maling nam. Het Hof en de Hoge Raad hadden nooit de bewuste, in hoger beroep afgelegde verklaring van TPW van Eijsden mogen bezigen of tolereren als zogenaamd 'hoofdbewijs' in het arrest. Een extra waarschuwing daarbij is het feit dat de in het arrest gebezigde hoofdbewijs (afgelegde verklaring) door geen enkele getuige of hard feit is bevestigd.
Doordat het in het arrest tegen C Karsten gebezigde 'hoofdbewijs' (afgelegde verklaring) af gaat als een gieter, door de andere afgelegde verklaring van de zogenaamde 'kroongetuige', hierboven aangetoond (zie o.m. par. (3), kan het alleen maar een onontkoombare consequentie zijn, want per definitie logisch, dat het in het arrest aangevoerde zogenaamde 'steunbewijs' (ook) niet kan deugen.


-- 5 - Op de site www.corkarsten.nl zijn naast tal van voorbeelden van ernstige zichzelf-tegenspraak tussen alle afgelegde verklaringen van de kroongetuige, TPW van Eijsden, onder meer ook nog voorbeelden te vinden van kennelijk opzettelijke vervalsingen en manipulaties van bewijs door Nederlandse rechters volvoerd in de zaak van Cor Karsten. Onthullend en leerzaam die site !  Hij maakt uitgebreid duidelijk welk een palet aan fouten en opzettelijke machinaties hebben plaatsgevonden, waardoor Cor Karsten per definitie geen eerlijk proces heeft gekregen.


-- 6 - Aangezien er wordt geschermd dat de Nederlandse rechtspraak altijd eerlijk zou zijn, zou het bovenstaande op zich al reden moeten zijn het grote onrecht dat Cor Karsten kennelijk is aangedaan ongedaan te maken en hem een nieuw proces te geven, een herziening van zijn rechtszaak.
-- 6.1 - Het is hoog tijd dat het enorm oneerlijke proces dat Cor Karsten heeft gekregen wordt herzien en hij alsnog een echt eerlijk proces kan ingaan.


Waarheid






© Copyright corkarsten.nl